Geldt de drie-dagen bedenktermijn bij (ver)koop van een woning ook voor de verkoper? 

Onze wet biedt de consument koper veel bescherming. Zo ook bij de koop van een woning. In art. 7:2 BW is bepaald dat een koopovereenkomst met een consument koper pas tot stand is gekomen als koper en verkoper deze hebben ondertekend. Een consument koper is een natuurlijk persoon en handelt niet in de uitoefening van een beroep of bedrijf. 

Als de koopovereenkomst eenmaal door beide partijen is getekend dan bepaalt het derde lid van art. 7:2 BW dat er een wettelijke bedenktijd geldt voor de koper. In die termijn kan hij zonder opgaaf van reden de koop ontbinden. De gedachte van de wetgever bij dit wetsartikel is om de consument koper te beschermen tegen een overhaaste en ondoordachte koop van een woning. Deze bepaling is van dwingend recht en dit recht kan dan ook niet weg gecontracteerd worden.

Dit artikel ziet alleen op de consument koper, maar heeft een verkoper ook het recht op die drie dagen bedenktijd? Nee, dat heeft hij niet. Echter, partijen kunnen dit wel samen overeenkomen in de koopovereenkomst. 

Onlangs heeft de rechtbank Overijssel zich uitgelaten in de zaak die hierover ging. Partijen waren overeengekomen dat ook de verkoper een bedenktijd toekwam. In de door beide partijen ondertekende koopovereenkomst was opgenomen: “Verkoper heeft koper toestemming gevraagd om de wettelijke bedenktijd van drie dagen ook van toepassing te verklaren op verkoper. Koper heeft hiermee ingestemd onder dezelfde voorwaarden zoals hierboven beschreven. (…)” Verkoper heeft binnen de drie dagen de koop ontbonden om de woning tegen een hogere prijs aan een ander te kunnen verkopen. De koper heeft zich hiertegen verzet. Die stelde dat het recht van verkoper om binnen drie dagen de koop te ontbinden niet gebruikt mocht worden om een betere onderhandelingspositie te creëren. Hij meende dat er sprake was van misbruik van recht.

De rechtbank Overijssel oordeelde als volgt:

Hoewel de wettelijke bedenktijd niet op een verkoper van toepassing is, kunnen partijen dus wel rechtsgeldig overeenkomen dat ook de verkoper hier recht op heeft. Zoals partijen hadden gedaan. De verkoper mocht de koopovereenkomst binnen de bedenktermijn ontbinden onder dezelfde voorwaarden als de koper. Op grond van artikel 7:2 lid 3 BW mag een koper de koopovereenkomst ontbinden “om welke reden dan ook”. Verkoper mocht derhalve ook in de bedenktermijn “om welke reden dan ook” de koop ontbinden. Ook al was de reden van de ontbinding om de woning aan een ander tegen een hogere prijs te verkopen. De rechtbank meent dat dit geen misbruik van recht is. Wel zou er sprake zijn van misbruik van als de verkoper de bedenktermijn gebruikt om zijn onderhandelingspositie proberen te versterken en zo een hoger bod van de huidige koper probeert te krijgen. 

Nu de huizenmarkt onder spanning staat, laat de praktijk zien dat de verkoper regelmatig ook recht op de bedenktermijn wenst te hebben en dat dit door de verkopende makelaar voor de verkoper wordt onderhandeld. Het betreft dan voornamelijk woningen die aantrekkelijk zijn voor meerdere potentiële kopers. Als de bedenktijd ook voor verkoper geldt, dan blijft de koper langer in onzekerheid over of de koop inderdaad door zal gaan. De onzekerheid waarin elke verkoper vanwege de wet altijd in verkeert bij verkoop van de woning, nog los van de onzekerheid of de koper een beroep doet op de ontbindende voorwaarde voor financiering.

Wilt u meer informatie of advies over dit onderwerp, neemt u dan gerust contact op met Brugrecht advocaten, per e-mail info@brugrecht.nl of bel 070-3263281.